Hookrock
OC Rooierheide, Diepenbeek - 3 en 4 juli 2026

Na de verschroeiende hitte van eind juni, baadde het eerste weekend van juli in een aangenaam zomerweertje met mildere temperaturen en een licht briesje. Ideaal festivalweer om naar Diepenbeek te trekken voor de 22ste editie van Hookrock. We zijn inderdaad al een stuk gevorderd in het festivalseizoen en een trip naar het 'verre oosten' mocht ook dit jaar niet ontbreken. Op een onbevangen manier serveerde de organisatie er weer een gevarieerd programma met voor elk wat wils en met misschien wel een paar acts om de temperatuur toch de hoogte in te jagen...

vrijdag 3 juli

Om 17.00 u. mag de The Blue Clay de debatten openen. Voor deze openingsact betekent dit ook onmiddellijk het spreekwoordelijke begin van het einde, aangezien de bandleden er dit jaar mee ophouden. Gedurende twintig jaar bracht de band in wisselende bezettingen op een ongedwongen manier een mengeling van country, folk, tex-mex, rockabilly, hillbilly en rock-en-roll. Enfin, je hebt het wel begrepen: een aanstekelijke mix, ideaal om wat ambiance te brengen in de festivaltent. Nummers zoals 'Take Me Down Little Suzy', 'Guilty' (gezongen door Ilse Van Dooren), 'All You Do Is Bring Me Down' en 'Rock This House' volgen elkaar vlotjes op, waarna de band de set afsluit met 'Seven Night To Rock, Seven Nights to Roll'.

Over naar Frankrijk met de jonge Elise Frank. Deze frêle verschijning speelt blootsvoets op het podium hoofdzakelijk haar eigen composities. In powertrioformaat brengt ze haar enigszins eigenzinnige mix van rock, pop en blues met songs zoals 'I'm Smoking', 'Your Kind' en 'I Didn't Pay For It', de titeltrack van haar tweede album, uitgebracht door Ruf Records. Ze is aardig bij stem en hanteert afwisselend de elektrische en akoestische gitaar. Maar de schoenen van een powertrio zijn (voorlopig) een beetje groot om te vullen. Op haar tweede plaat neemt Laura Chavez een groot deel van de gitaarpartijen voor haar rekening en het gebrek aan een tweede (lead)gitarist of toetsenist laat zich in deze live-setting wel voelen. Ook haar pogingen om het publiek mee te trekken blijven een beetje hangen, mede door haar gebrekkige Engels. Spreek dan gewoon Frans, zouden we zeggen. Ja, zelfs in Vlaanderen verstaan de mensen dat wel. Na de cover van 'It Serves Me Right To Suffer' van John Lee Hooker sluit de band de set af met de stevige stamper 'A Bitch'. Samengevat, een niet onaardige poging met perspectief, maar er is nog werk aan de winkel.

Met de opener 'They Call Me The Wild Man' doet Will Wilde zijn bijnaam vanaf het begin van zijn set alle eer aan. Het wordt een heel intens optreden met nimmer aflatend en flitsend harmonicawerk. De man kan wel wat riedeltjes uit zijn harmonica halen, maar na tien minuten denken we "Mag het wat minder zijn?". Will gebruikt met zijn mondharmonica een draadloze micro die rechtstreeks in de PA gaat. Dit levert een nogal schril harmonicageluid op, waarbij de man zichzelf de mogelijkheid ontneemt om te spelen met de vervorming van een lampenversterker. Een belangrijk facet van het harmonicaspel van vele bluesartiesten blijft zo onbenut in de kast steken. De andere bandleden leggen, met uitzondering van de Hammondspeler, ook weinig subtiliteit aan de dag. De manier van spelen blijft grotendeels dezelfde, of het nu gaat om een slowblues zoals 'You Stole My Heart From Me', de Memphis Slim cover 'Steppin' Out' of Muddy's 'Hoochie Coochie Man'. Naar het einde van de set toe krijgen we het nummer 'The Blues Is Still Alive' van Wills jongste album. Naar onze bescheiden mening had het beter de titel 'The Bluesrock Is Still Alive' gekregen. Allemaal een beetje typerend voor de hedendaagse Britse 'blues'-scene. Als bisnummer serveert de band trouwens 'Parisienne Walkways' van Gary Moore, om het er allemaal nog wat meer in te wrijven. De vele fans laten het echter allemaal niet aan hun hart komen en genieten met volle teugen. Een bezoekje aan de platenstand later op de avond leert ons al snel dat het succes bij het publiek zich ook omzette in klinkende munt. Alle beschikbare materiaal van de man is uitverkocht.

And Now for Something Completely Different. Niet dat we de Monty Python-toer opgaan, maar na de vorige set krijgen we een aangename verademing onder de vorm van een optreden van Luke Winslow-King. Eerder zagen we de man nog niet live met band optreden, maar bij het beluisteren van zijn albums valt onmiddellijk de grote diversiteit van aanpak en inspiratie op. En zeggen we het maar onmiddellijk: deze mengeling levert live geen ondefinieerbare hutsepot op, maar een eclectische en goed afgewogen mix van diverse genres (blues, NOLA, jazzy lijnen, soul, en ga zo maar verder). Zelf hanteert Luke de akoestische gitaar, al of niet met slide en bij momenten doet hij denken aan Ry Cooder. De leden van de vijfkoppige begeleidingsband uit Italië (bas, drum, gitaar, percussie en Hammond) klinken evenwichtig en goed op elkaar afgestemd. Gitarist Roberto Luti valt op door zijn uitstekend begeleidings- en solowerk en Hammondspeler Nicola Venturini laat zich ook van zijn beste kant zien. De band speelt met veel dynamiek en de algemene sound van de groep doet af en toe denken aan het samenspel van The Band. Als toemaatje voegt mondharmonicaspeler Jumpin' Johnny Sansone zich bij de band om een bijkomende schakering aan de sound toe te voegen. Diverse songs passeren de revue. Pikken we er hier een paar uit: het aanstekelijk ingezette en mooi opgebouwde 'You Can Lean On Me', het swingende 'Peaches' en het door spaghetti westerns geïnspireerde 'Shoot From The Hip'. In een notendop: dit is een beklijvende set, die opvalt door de keuze van het songmateriaal en het vakmanschap van de musici.

Met enige vertraging mag de Amerikaanse bluesrocker Mike Zito de dag afsluiten. Deze gitarist is reeds vele jaren actief en de man kende reeds vele commerciële en artistieke successen. Onmiddellijk trekt hij stevig van leer en hij heeft het publiek, dat nog talrijk aanwezig is, onmiddellijk op zijn hand. Mike serveert dan ook het betere bluesrockwerk met een intens gitaarspel, recht voor de raap en elke noot gespeeld alsof zijn leven er van af hangt. Na een aantal songs neemt Mike wat gas terug met het nummer 'Don't Take Advantage Of Me' van Lonnie Brooks. De ietwat zenuwachtige Mike gaat daarna echter als een sneltrein verder want zoals hij zelf zegt "I'm a man of few words this evening. We have limited time and we want to play as much music as possible." Zo gezegd, zo gedaan. Onderweg krijgen we ook de Buddy Guy-cover 'Too Broke To Spend The Night', inclusief Buddy's trukendoos met de wah wah-pedaal of de snaren met de tanden bespelen. Voor wie het niet moest weten, bij Buddy Guy haalden Jimi Hendrix en talloze andere gitaristen de mosterd voor dergelijke podiumnummertjes. Al zouden we in feite moeten teruggaan naar T-Bone Walker om volledig te zijn. Tot groot jolijt van de talrijke fans gaat Mike zo nog een tijdje door. Na een uurtje houden we het voor bekeken want er resten ons nog wat kilometers. Trouwens, eerder dit jaar zagen we de man reeds bij Blue Rooster in Hanewijk en verder hij staat ook geprogrammeerd op Swing Wespelaar.

Bilan na de eerste dag: een aantal acts deden inderdaad de temperatuur in de tent stijgen door hun nogal fysieke en luide aanpak maar Luke Winslow King maakte ons hart warm met zijn innemende en professionele show, ondersteund door een uitstekende band. Vermelden we terloops ook de vlotte organisatie, de aangename locatie en de immer gemoedelijke sfeer van het festival. De goede (en in vergelijking met vorig jaar) meer uitgebreide catering maken het plaatje compleet.

Kris Herrebout



zaterdag 4 juli

Het eerste weekend van juli vindt in het Diepenbeekse gehucht Rooierheide de hoogmis steevast plaats op zaterdag. Het sympathieke bluesfestival Hookrock biedt ook nu weer een gevarieerd programma dat zowel in de breedte als in de diepte meerlagig is. Met dit laatste bedoelen we niets verkeerd hoor – we zouden niet durven. Zeven acts krijgen we vandaag achter de kiezen en recht evenredig met de volgorde waarin ze staan geprogrammeerd, stijgen onze verwachtingen. Wat zeg je? Dat we nog voor we goed en wel zijn vertrokken met ons verslagje van de laatste festivaldag al weer meer tussen de lijntjes dan erin hebben geschreven? Ha! Voor jou is het een gissen, voor ons een weten. Maar lees gerust verder, dan kom je er snel achter...

Stipt om 14.00 u. treedt het Zwitsers-Franse duo One Rusty Band aan en op. Hij, Greg Garghentini, is eigenlijk een one-man-band en bespeelt behalve zijn stem een prachtige Gretch, een koekendoosgitaar, een radiatorgitaar, een harmonica en een voetdrum. Zij, Lea Barbier, ziet er heel schattig uit, doet kunstjes – waaronder een perfect uitgevoerde handenstand, ondersteunt ritmisch op washboard, floor tom en cymbaal én tapdanst. Tapdansen kan ze verdorie meesterlijk en we moeten toegeven dat dit toch wel een extra dimensie geeft aan de rauwe, hard gedreven en ongepolijste blues die Greg ten beste geeft. Naarmate hun toch wel amusante set voortschrijdt, blijven we enigszins met de vraag zitten of dit een bluesact is die zichzelf ernstig neemt, dan wel twee prettig gestoorde vluchtelingen uit het rariteitenkabinet van een circus. We laten de vraag open en kunnen alleen maar vaststellen dat het publiek er wel pap van lust...

Met twintig minuten vertraging is het om 15.40 u. de beurt aan de plaatselijke band Blues Skills. What's in a name? Ze trappen af met 'Automatic' van The Red Devils, gevolgd door 'Crossroads'. Gitarist Marc De Rydt, de oorspronkelijke hopman van het gezelschap, speelt door een onooglijk klein versterkertje en dat levert massa's distorsie op. We nemen aan dat hij bewust voor deze rocksound heeft gekozen. Wat die skills betreft, vinden wij dat drummer Wilfried Claesen en vooral toetsenman Gino Knuts het rijkelijkst werden bedeeld. Die twee overstijgen het niveau van dit sympathieke amateurbandje dat hier op Hookrock zijn eerste optreden in de nieuwe bezetting speelt. Ze zijn goed op weg, maar er is nog werk aan de winkel. Recent trokken ze Eddy Mockers aan als zanger-harmonicaspeler. Eddy zoekt bijwijlen nog de weg naar toonvastheid en gebruikt een tablet als geheugensteuntje voor de teksten. En bij John Lee Hookers 'Boom Boom' haalt ook Marc een harmonica boven maar hij mist op dat instrumentje wat... euh... skills. Het cover-repertoire van deze Hasseltse helden is voor velen een feest der herkenning en niet in het minst voor de talrijke supporters die ze naar Hookrock hebben meegebracht. Dat alleen al verantwoordt deze thuismatch.

Het is 16.50 u. en de coverband Thorobad mag ons een uurtje onderdompelen in het repertoire van het ondertussen 76-jarige bluesrock-icoon George Thorogood. In onze jeugdjaren hebben we nogal wat naar Thorogood geluisterd en dat kwam omdat Frank van de Honky Tonk in Brugge ons Thorogood aanraadde nadat we hem in geuren en kleuren hadden verkondigd hoe leuk wij de muziek van Give Buzze vonden toen we hen het weekend daarvoor hadden gezien in het parochiezaaltje van Oostrozebeke. We moeten een jaar of zeventien zijn geweest, stel je voor zeg. Maar goed, hier staan dus de West-Vlaamse Gunther Van Canneyt en zijn Franse kornuiten de muziek van Thorogood te spelen en ze doen dat niet onverdienstelijk. 'One Scotch, One Bourbon, One Beer' klinkt wat vlakjes maar het authenticiteitsgehalte stijgt in bijvoorbeeld 'Madison Blues' en 'Bad To The Bone'. We zijn benieuwd hoe 'Move It On Over' gaat klinken, hét Thorogood-nummer der Thorogood-nummers. Blijkt dat we op zoek moeten naar Joost die ons wellicht kan vertellen waarom het ontbreekt op de playist...

De immer populaire Guy Verlinde zet dit jaar een punt achter zijn project met The Artisans Of Solace en Hookrock is onderdeel van hun afscheidstournee. Die artisans zijn Stef Paglia (gitaar), Tom Eylenbosch (toetsen), René Stock (bas) en Benoid Maddens (drums en ook bekend van bij Brihang). Guy heeft altijd al de verdienste gehad om zich met de juiste muzikanten te omringen. Dat maakt ons benieuwd naar de wegen die hij in de toekomst zal inslaan, maar nu is het hier genieten geblazen met deze topband. Voor het eerst vandaag horen we een act die de kunst verstaat om spanning op te bouwen en weer los te laten. Enkele hoogtepunten, vraag je? Wel, vooreerst Guy's bitsigheid wanneer hij het heeft over de 'bastards who try to grind you down' in de intro van 'Me And My Blues'. We kennen Guy en zijn verhaal al lang en we weten waar dit vandaan komt. Ijzingwekkend is ook de gitaarsolo van publiekslieveling Stef Paglia in 'Ain't No Sunshine'. En dan is er nog de interactie tussen Guy en het publiek in 'Better Days Ahead'. Zijn publiek ophitsen doet Guy nog steeds heel graag. Hij geniet hier duidelijk met volle teugen en sleurt er tijdens zijn set tot vier keer toe een 'godverdomme' door om zijn exclamaties kracht bij te zetten. Geen hond stoort zich hier aan, zelfs Pablo niet. In de verste verten zijn gelukkig geen leden van de Pastorale Eenheid Heilige Paulus Diepenbeek noch van de lokale Sint-Vincentiuswerking te bespeuren. Aan het eind van de set geeft ook de presentator forfait, maar diens afkondiging hebben Guy en zijn bende niet nodig om bij het publiek een bisnummer af te dwingen. In 'Powered By The Blues' ontladen ze elk knozeltje energie dat er nog rest. Sterk!

Het is 20.00 u. en dus tijd voor de Hook Herrera Band. Hier kijken we naar uit! Het is een eeuwigheid geleden dat we Hook nog zagen en bovendien is zijn band hier niet zomaar een band. Hook krijgt immers het gezelschap van Marc 'TEE' Thijs (gitaar), Renaud Lesire (bas) en Steve Wouters (drums) en dat zijn nu niet bepaald sukkelaars. Hook begint braafjes met 'Pitch A Boogie Woogie' van Snooky Pryor, gevolgd door 'Easy Baby' van Magic Sam. Je hebt het wellicht al in het snotje; dit is inderdaad een optreden met alleen maar klassiekers. Hook plukt ze hoofdzakelijk uit de Chicagoblues van de jaren '60 en '70. Hij zingt en speelt harmonica en doet dat behoorlijk. Zijn gitaar heeft hij bij maar hij raakt ze niet aan. Wij vinden dat een zeer verstandige keuze want als je Marc Thijs in je band hebt, is er niet de minste noodzaak om zelf aan de snaren te gaan plukken. Trouwens, Marc is het trekpaard, de werkmier van dit optreden. Vaak laat hij Hook de ruimte om te soleren maar Hook maakt een gelaten indruk en neemt zijn kansen niet. Hij doet ook weinig moeite om zijn band zelf te leiden, waarop Marc telkens weer de teugels in eigen hand neemt om die vervolgens niet meer te vieren. In tegenstelling tot Hook gaan Marc, Renaud en Steve er wél voluit voor. Marc amuseert zich, dat is duidelijk. Maar hij mag hier verdorie vlammend hard zijn nikkel afdraaien...

Wanneer de presentator Vanessa Collier aankondigt, vermeldt hij dat ze al anderhalf jaar tourt met Joe Louis Walker. Dat lijkt ons vrij onwaarschijnlijk aangezien Walker vorig jaar in april overleed. Wel is het zo dat de Texaanse zangeres-saxofoniste-gitariste Joe Louis Walker in Philadelphia ontmoette tijdens een jamsessie toen ze nog studeerde aan het Berklee College Of Music. Walker was onder de indruk en nam Vanessa op in zijn vaste tourband, waar ze anderhalf jaar bleef. Dat was in de periode 2012-2013. Aangemoedigd door Walker begon ze in 2014 haar eigen carrière. En met succes. In 2022 won ze de Blues Music Award voor hedendaagse vrouwelijke bluesartiest van het jaar en in 2019, 2020, 2024 en 2025 won ze die voor instrumentalist (blazer) van het jaar. Vanavond heeft ze niet de gitariste Laura Chavez bij, maar wel Chris Vitarello die eveneens wonderwel past in Vanessa's muzikale concept. Na enkele eigen nummers krijgen we een prachtige versie van 'I Can't Stand The Rain' waarin Vanessa een zeer hoogstaande saxsolo ten beste geeft, deels unisono met Chris' gitaar. Andere hoogtepunten zijn 'Sweating Like A Pig, Singing Like An Angel', 'Love Me Like A Man' en 'What Makes You Beautiful'. Het publiek reageert uitbundig op de solo's van zowel Vanessa als Chris die de ene keer muzikaal met elkaar communiceren om even later te duelleren. Ook dát is het spelletje van 'tension & release' wat wij in bluesmuziek steeds hopen te ontwaren. Vanessa sluit haar sterke set af met een potige versie van 'When Love Comes To Town'.

Het is 23.20 u. en we houden ons klaar voor de klap op de vuurpijl, de kers op de taart, de kroon op het werk en zelfs het neusje van de zalm. Enfin, dat is tenminste waar wij op hopen, want we kennen ondertussen de reputatie én de kwaliteiten van de Duitse band B.B. & The Blues Shacks. "Let maar op, want de Duitsers zijn hier", zegt de presentator. Het lijkt wel alsof hij radioman Jos Servotte citeert. Servotte werkte voor het NIR (Nationaal Instituut voor de Radio-omroep), de voorloper van de BRT, en was van dienst in de ochtend van 10 mei 1940. Wat volgt, is een heuse wervelwind van blues-, rhythm-and-blues- en soulnummers die de broertjes Michael (zang, harmonica) en Andreas Arlt (gitaar) naadloos en met een oerdegelijke geloofwaardigheid aan elkaar rijgen. In een ellenlange solo tijdens een westkust-swingblues komt Michael gevaarlijk dicht in de buurt van Rod Piazza, vinden wij. En wij mogen dat vinden, want van 1997 tot 2014 waren wij Piazza's Europese tourmanager. Ook Andreas verbaast met tal van trefzeker geponeerde solo's, steeds oprecht en authentiek, ongeacht de stijl van het nummer. Voor aanvang van het optreden heeft de podiumcrew een extra versterker naast die van Andreas geplaatst. Er komt dus een special guest en wij menen te weten wie dat is. 'Dat gaapt als een oven', zeggen we in West-Vlaanderen. Ja, natuurlijk is dat Marc 'TEE' Thijs. Al meer dan dertig jaar houdt een innige vriendschapsband tussen Marc en de Blues Shacks stand. Marc komt meespelen op 'That Will Never Do' maar Andreas vraagt hem om voor de rest van de set – nog zo'n twintig minuten – op het podium te blijven. Wat een feest! Deze aangename festivaldag kon op geen betere manier worden afgesloten!

We zullen ons Hookrock 2026 herinneren als een zeer gevarieerde editie waarbij elke act – van hoogvliegers tot diepzeeduikers – een enthousiast publiek vond. Rekening houdend met het aanbod en de kwaliteit van Hookrock binnen het Benelux-bluesspectrum zou dat publiek zeker nog wat groter in getale mogen zijn. Zeg maar dat die van Back To The Roots het hebben gezegd en kruis het eerste weekend van juli alvast maar aan in jouw agenda van 2027.

Franky Bruneel




de werkmier van Hookrock 2026: Marc 'TEE' Thijs





reageer op dit artikel

terug naar de index van de concert- en festivalrecensies

Naast de concert- en festivalverslagen op deze website is Back To The Roots sinds 1995 het meest complete en veelzijdige tijdschrift voor blues en verwante muziekstijlen. Vijf keer per jaar brengen we u nieuws, achtergrond, interviews, reportages, cd- en dvd-recensies, boeken, de meest complete blueskalender, enz... Nog geen abonnee? Klik hier voor meer info.

    
  
     
foto's:
      © Franky Bruneel